Een adembenemend Zweden

Adembenemend Zweden



KAMPEERTREKTOCHT IN HET ZWEEDSE SAREK NATIONAL PARK (HT Wandelreizen, 2010)

De dag begint vroeg, de wekker gaat, het besef volgt dat de reis beginnen gaat. Nog even klamp ik me vast aan mijn kussen en bed. De laatste keer zachtheid. Mijn matje zit strak opgerold in mijn rugzak, mijn slaapzak ernaast. Ik hoop dat zij mij samen genoeg warmte geven gaan. Nog één keer mijn dekbed om mij heen voelen, meer dons dan ik de komende weken voelen ga. En dan eruit.

De eerste tram, de trein, het vliegveld komt in zicht. De rugzakken open, de voorraden en bijkomende spullen moeten er snel op het vliegveld nog in. Dan inchecken, het gewicht van mijn rugzak blijft met een paar gram steken onder de limiet. Een limiet die de komende dagen mijn kwelling en plaaggeest onderweg zal zijn. Mijn lichaam schreeuwt gelijk al als het die vele kilo’s voelt en ziet, geen lofzang hier maar tegelijkertijd wel een schreeuw de vrijheid tegemoet. En dat voelt gelijk bij de eerste stappen goed.

Na vliegtuig volgt trein en nog eens trein, dan bus en bus en bus. De laatste bus overtreft wel zijn voorgangers, als wij vertwijfeld naast de bestuurder staan. Wie is er ouder, de man of de bus die samen bergop met ons moeten gaan? De ruimte is klein om er met zijn achten in te gaan, maar de gordijntjes voor de ramen ademen avontuur en de film Into the Wild heeft iedereen ineens tegelijk op het netvlies staan. Zo moet het voelen, al hopen we dat wij die wilde rivier aan het eind van de tocht wel weer overgaan.

De tocht begint, de bossen maken langzaam plaats voor onherbergzamer terrein. De planken ondergrond die ons nog een stuk de wildernis in brengt houdt hier op en voor het eerst mogen we echt op eigen benen staan. De eerste sprint omhoog, want hoewel we niet weten wat ons te wachten staat, willen we allemaal graag op de eerste bergtop staan. De Skierffe, geen spectaculaire top als je alleen op de hoogteaanduiding op de kaart afgaat. Maar adembenemend mooi als je langs de top de flanken met je ogen raakt.

De zijwand gaat hier loodrecht naar beneden, de delta in de diepte duizelt, vele camera’s kijken mee. Hier komen we voor, dit gevoel, onbeschrijflijk en eigenlijk niet vast te leggen op de gevoelige plaat. Dit gevoel dat ontastbaar ineens overweldigend zich van je meester maakt. Ik zuig het in me op en voel mijn huid tintelen. Ik ben dus ik besta. Hier is dat alles wat nodig is.

Het is nog maar dag 2 van de tocht en mijn wensen zijn al vervuld. Maar dan komt ook de last, de steken onder mijn voeten, mijn hakken weigeren zich nog naar mijn schoenen te voegen, mijn romp lijkt verbonden met de grond en sleept zich onwillig nog met mij mee. Mijn lijf wil niet meer, het is genoeg, maar het eindpunt is nog ver. Nog even maar, maar dat al vele malen herhaald, creëert een duivel in mijn hoofd. Zitten wil ik, liggen nog liever, maar niet meer verder gaan.

Iedere stap een kwelling moet ik de strijd met mijzelf aangaan. Tot eindelijk de voorsten vertwijfeld om zich heen kijken, zoeken, de rugzakken vallen één voor één neer. We zijn er, de plekken voor de tenten worden geïnspecteerd. Het grondzeil gaat uit en uitgeput zak ik ernaast neer. Mijn lichaam juicht, nog even wat haringen in de grond en dan hoeft er even niets meer. En dan zie ik mijn omgeving weer. Wauw, ja alle pijn weer waard.

De volgende dag, mijn rugzak is een maaltijd kwijt maar voelt nog even zwaar. Toch gaan de eerste passen goed en stroomt de energie na een goede nachtrust terug mijn benen in. Mijn benen dan, want mijn voeten willen toch al vrij snel alweer niet meer. Maar nu weet ik dat ik ze aankan. De dag verstrijkt met het ene mooie uitzicht na het andere. Mijn eerste accu van mijn camera is er met de vele foto’s al bijna doorheen. Vooruit kijken, terugkijken, details op de grond, overal tegelijk je blik willen focussen en dan ook nog doorlopen lijkt soms een acrobatische toer.

Maar getrainde spieren vangen de haperingen op, de punt van mijn schoen wil nog wel eens door een rotsblok heen, maar blijkt deze dan onwillig te blijven staan, dan kunnen mijn spieren de klap steeds beter aan. De nattigheid van langzaam opkomende miezerregen doet weinig af aan het zicht. De schoenen nat, de sokken soppend in een warm bad en de hakken steeds minder bekleed. De enige die zich in deze nattigheid echt thuis lijkt te voelen is de kikker die wegspringt bij mijn onbedoelde benadering.

Dan ineens uit het niets ook een sneeuwhoen vlak voor onze schoen. Wie schrok er meer, de sneeuwhoen of degene die voor zijn voeten een schreeuwend gevaarte uit het gras wegschieten zag? De moraal is goed, gelach, verwondering en hartkloppingen in de keel, we zijn alweer lang op pad vandaag, maar iedereen neemt met iedere stap de omgeving met zich mee. En dan het moment waar iedereen op had gehoopt. Na rendieren, sneeuwhoen en lemmingen, worden de stippen aan de horizon ineens tot een tastbaar groot beest. Door de natte takken van het bos zien we wat bewegen in het meer. Eerst voorzichtig maar al snel rennen we dichterbij.

Een eland, onverstoorbaar, blaast bubbels in het meer. Groot en rustig kauwend kijkt hij over zijn schouder welk schouwspel zich aan de oever ontvouwt. Minstens 10 camera’s kijken op hem neer. Of naar hem op, want vol bewondering ontwaren we de rust van dit dinerende dier. Met af en toe een blik opzij vooral gespitst op wat zich aan zeebanket onder hem ontwaart, steekt hij keer op keer de kop omlaag. Om dan rustig met zijn kop weer opkomend, kauwend sliert na sliert te verorberen. Een machtige aanblik en aandoenlijk tegelijk.

De avond volgt en het eerste kampvuur wordt gemaakt. Geen moment te vroeg, want koud en klam zou ik het liefst met mijn voeten in de vlammen staan. Toch maar ervoor, een goed moment om mijn natte sokken te laten drogen in de warmte die het vuur verspreidt. Mijn bloed begint weer te stromen zoals het hoort en mijn ogen vechten het prikken van de rook aan om niet op te hoeven staan. Wat wil een mens nog meer, dan op deze manier in de buitenlucht op te kunnen gaan. En die lucht mee te nemen in de tent, want binnen korte tijd is de binnentent ’s avonds gevuld met de kampvuurgeur uit onze kleding. Gelukkig had ik de hele avond al mijn nachtkleding aan, dus gaat de lucht, luchtdicht verpakt mijn slaapzak in.

De spierpijn wordt minder, mijn lichaam went snel aan de hernieuwde dagelijkse last op mijn rug. De uitzichten worden weidser, de delta groter, de diepten dieper. Traverserend maken wij ons meester van de berg. Al lijkt de berg soms steiler dan ons lief is, het altijd aanwezige mos houdt hem aaibaar. Of lijkt dat soms maar zo? Een schuiver over los steen maakt adrenaline aan waar ik het liever niet voelen zou. De regen maakt de stenen glad, de aarde, klei, het gras, het ziet er allemaal glimmender uit dan op deze hellingen wensbaar is.

Maar mijn ervaring krijgt mijn adrenaline klein, mijn voeten voelen de vastberadenheid van mijn schoenen bij iedere stap. Ik kan ze aan, die gladde stenen, ik laat mijn schoenen meevoeren op de gladheid van de stenen tot ze weer vast tussen nieuwe richels staan. De druk op mijn schouders ontspant en mijn rugzak voelt één met mijn rug. Van steen naar steen, van rots naar rots, geconcentreerd en scherp. Af en toe wel een blik opzij om te zien in welke omgeving deze ondergrond hoort. Om dan steeds weer even mijn adem in te houden bij wat ik aan vergezichten zie. Zo mooi.

Gepiep dichtbij, er schiet voor de zoveelste keer een lemming voorbij. Ik had ze nog nooit gezien, maar ze zijn hier ineens overal om ons heen. Dankbaar voor onze onoplettendheid is bij menigeen al een voorraad aangeknaagd. En geef ze eens ongelijk. Speels en balanserend tussen behoedzaamheid en nieuwsgierig zijn, volgen ze onze tred. En warm moet er één ’s nachts hebben gedacht, want bijna ging er ’s ochtends een verstekeling mee. Onder het tentzeil had hij de nacht samen met ons doorgebracht. Verstoord door ons vroege ontwaken bleef hij zo lang mogelijk onontdekt. Om zich pas na licht aandringen van onze kant uit de voeten te maken. En ook wij zien dan de reden van het opzoeken van wat warmte in de nachtelijke kou. De toppen om ons heen zijn bedekt met een zilverwitte gloed. De wolken hebben hun sporen achtergelaten toen zij zich er vannacht overheen hebben gevleid. De thermometer heeft vannacht op -3 graden gestaan. Onze lemming heeft zich terecht bij ons willen nestelen om één keer met iets meer warmte de nacht in te gaan.

De witte gloed op de toppen geeft een extra dimensie aan het toch al overdonderende gebied. De toppen lijken bewerkt en onwerkelijk wit vergeleken bij het iets lager gelegen groen. Het aanwezige groen laat ook voor het eerst wat van de aankomende herfst zien. Langzaam kleurt het mos van groen naar rood en bruin en worden de bladeren van de lage struiken geel. De herfst zet in, maar voelt als winter als de wind de vrieskou door onze haren blaast. We raken steeds hoger in het gebied en de kleuren worden langzaam grauw. Van groen en rood naar grijs van steen en rots. Maar ook de kleur van marmer schijnt in dit gesteente door. Rotsachtiger en ruiger vervolgen we onze weg. Het mos is verdwenen en de ondergrond is een verzameling van stenen zover je maar kunt zien. Alleen de gletsjers en sneeuw onderbreken het patroon.

Een kunst in balans om overheen te lopen, anders en interessant. Want hoe kan de wereld zo uiteenvallen en toch samenhang vertonen tegelijkertijd? Ons doel, de eerste echte top, lijkt in overtreffende trap op een in elkaar gevallen geheel. De stenen zijn plat maar zo talrijk, dat het lijkt alsof hier ooit één strak bouwwerk heeft gestaan. De stenen aaneen, tot een bouwwerk waarvan we nu de resten opgestapeld onder onze voeten voelen schuiven op weg naar de top. Om boven aangekomen nederig in het uitzicht op te gaan. Sarek National Park in al haar pracht strekt zich voor ons uit. Voor ons, achter ons, overal, zover het oog maar reikt. De rijp aan de enkele takjes verraadt de kou, de tinteling in mijn handschoenen verraden het des te meer. Maar de stokkende adem komt niet van de kou, het uitzicht is immens en echt waanzinnig mooi.

Nog even zien we de top vanaf de voet na de afdaling naar het meer. Dan verdwijnt de top in de wolken en zien we hem niet meer. Een luchtspel volgt, de zon zakt en kleurt de wolken rood. Een rood dat ik in al mijn jaren in de bergen nog niet eerder heb gezien. Het blijft mij verbazen dat ik iedere tocht toch keer op keer weer iets nieuws mag zien. De bergen hebben en houden geheimen, slechts soms wordt uit beloning een nieuw wonder getoond. En daar ben ik op mijn beurt dan heel dankbaar voor.

De dagen tellen af, het eindpunt komt langzaam dichterbij. Nog één top willen we op, maar de natuur laat de top helaas in het laaghangende wolkendek niet meer zien. En dus besluiten we sneller dan gepland wat lager de dalen in te gaan. De warmte van een nieuw kampvuur roept en verlicht het afscheid van wat we niet hebben mogen zien. Zo om ons heen kijkend zie ik al zoveel, dat om meer vragen misschien ook helemaal niet gepast is hier. Het gebied mag wat geheimen overhouden. Wie weet zie ik haar nog wel een keer. Het kampvuur roept en daar ziet mijn lichaam ook naar uit. Weer even die warmte, die geur, mijn spieren die zich overgeven aan de vlammen die ze voor zich gevormd zien worden en waar ze hun warmte aan spiegelen tot ze hun energie volledig door de spierweefsels voelen gaan. Opgewarmd voor de volgende dag.

De laatste dag is aangebroken, iedereen voelt dat de beschaving lonkt. Niet mensen maar eten is waar het de laatste dagen in de conversatie veel over gaat. De hamburgers wachten, de friet en het bier. De rugzakken worden gehaast gepakt, de brinta opgedeeld en haast zonder slikken naar binnen gewerkt. De laatste pasta is de avond ervoor nog gretig uit de pan geschraapt, nu is het ontbijt een formaliteit tot de eerste echte maaltijd in het eerste dorp sinds weken de toonbank heeft gehaald. Een sprint bijna tot de eerste echte weg. Een parkeerplaats, de auto’s glimmen ons tegemoet. Een huis, ons thuis voor de komende dag blinkt rood in de na tijden afwezige nu aanwezige zon. We zijn er weer, een mooie tocht achter de rug. Voorbij maar voorlopig nog lang nasuizend in mijn hoofd. Het was geweldig.



De beelden:





Ga naar startpagina